Het beleg van de Spanjaarden houdt de stad in een wurggreep. Oktober 1573. De meesten zijn gelegerd aan de noordkant, langs de weg naar Oudorp. Die kant van de stad is het zwakst, daar forceren ze met dagenlange kanonbeschietingen de verouderde stadsmuren. Steeds zijn er bestormingen, maar de burgers en de geuzen houden stand, kinderen en vrouwen vechten mee. Alles wat als wapen kan dienen, wordt gebruikt. Maar lang is dit niet vol te houden. Het stadsbestuur weet wat er wacht als de Spanjaarden de stad veroveren: niemand zal het navertellen. Wie is er bereid een poging te wagen om door de linies heen te sluipen om zo Sonoy, gezand van de Prins en bevelhebber van de geuzen, te bereiken? Stadstimmerman Maerten Pietersz van der Meij is één van de waaghalzen die het durft. Met briefjes verstopt in zijn polsstok sluipt hij ’s nachts langs de Spaanse troepen door de moerassen. Uiteindelijk bereikt hij zijn doel en krijgt Sonoy zo ver, dat de sluizen bij Hoorn worden opengezet. Het kostte van der Meij eind september de grootste moeite om de stad weer binnen te komen en verslag te doen van zijn missie. Hij verdrinkt bijna. Het zoute water uit de Zuiderzee zou de oogst van de boeren voor de komende jaren vernietigen. De Spanjaarden konden het voor de poorten van de stad natuurlijk niet droog houden. Maak van je vijand een vriend, het zo vaak bestreden water brengt nu uitkomst. De Spaanse zware kanonnen zakken in de modder weg, de paarden struikelen in het water. Het beleg wordt opgeheven en letterlijk druipt het machtige Spaanse leger af. Het had geen dag langer moeten duren, de stadsmuren hadden het bijna begeven. Alkmaar overleeft het beleg en viert de Victorie op 8 oktober 1573. Ieder jaar is dat nog steeds de grootste feestdag van de stad.