Als je net over de Afsluitdijk bent passeer je in Friesland het dorp Kimswerd. Langs de weg wordt duidelijk gemaakt, dat je daar het roemruchte verhaal van hun held Grote Pier kunt komen beleven. Pier Gerlofs Donia geldt als de Goliath van zijn dagen. Hij achtte zich graaf van Friesland, geboren in 1480, rijk geworden als boer. Hij steunde het beleid van de machtige graaf van Gelderland, tegen de graaf van Holland, tevens vorst van Saksen. Diens soldaten hadden zijn boerderij geplunderd. Dat had grote gevolgen tot in onze stad. Die van Gelderland gaf hem als het ware vergunning om in Holland te gaan plunderen en te kapen en zo de vijand te verzwakken. Zo ging dat in de middeleeuwen. Is het nu anders? Alkmaar heeft het geweten. Als gevolg van de Kaas- en Brood-opstand was de stad verzwakt en lag er met de geslechte stadspoorten en stadsmuren bij als een open stad. Dat viel niet te verdedigen tegen Grote Pier en zijn ‘Zwarte Hoop’, woestelingen uit Arum. In 1517 valt hij de stad aan en plundert alles systematisch leeg, zeven dagen lang. Bij zijn vertrek steekt hij een groot deel van de stad in brand. De meeste huizen zijn nog van hout. Honderd woningen en een meelmolen in de buurt van het Ritsevoort gaan verloren. Een deel van het belangrijke oude Alkmaarse stadsarchief ging door vernielzucht verloren. In de burgemeesterskamer lag zoveel verscheurd papier, dat men er tot halverwege de kuiten in wegzakte. Zo’n niet verdedigbare stad is niet verstandig voor de belastingopbrengst moet de nieuwe vorst Karel V hebben gedacht. Kort na de plundering mocht Alkmaar zich weer gaan versterken. Pas rond 1551 was het werk klaar.